Thomas van Zalingen: “Met minder angst wedstrijd in”

Thomas van Zalingen speelde vorig seizoen met BC New Stars HS1 in de Eerste Divisie. Nu moet hij met een bijna compleet andere ploeg aan de bak in de Promotiedivisie. Het gaat met vallen en opstaan, maar de mannen van trainer Etiënne van ‘t Kruys geven niet op. Zaterdag om 19.45 uur wacht Lokomotief op vreemde bodem.

 

Nog drie wedstrijden en dan zit het seizoen er op. Jij als echte liefhebber moet daar flink van balen.

Van Zalingen: “Ja, dat zal wel even wennen worden inderdaad! Ondanks dat we na het seizoen nog partijtjes kunnen spelen op pleintjes, zijn wedstrijden natuurlijk een stuk competatiever en leuker. De extra vrije tijd die ik over houd als het seizoen voorbij is, kan ik wel gebruiken richting het einde van het schooljaar.”

Hoe vaak kijk je naar de tussenstand en de uitslagen in de Promotiedivisie en wat denk je dan?

“Eigenlijk nooit. Dat deed ik in de jeugd ook al niet. Ja, ooit toen ik bij Apollo speelde en we afhankelijk waren van Almere, heb ik wel even gekeken wat zij hadden gedaan. We waren toen nog in de race om de Final Four te behalen. Ik ben vooral bezig met onze eigen prestaties en niet zo zeer met wat de rest doet. Ik krijg wel vaak uitslagen te horen van vrienden die bij bijvoorbeeld Landslake Lions spelen, maar de rest interesseert me weinig, haha.”

Na de winterstop wil het winnen nog niet echt lukken. Hoe moeilijk is het om je op te laden voor weer een nieuwe wedstrijd? Wat zijn de moeilijke momenten?

“Ik ga elke wedstrijd met een fris gevoel in. Je begint toch met 0-0. Zeker nu we op het punt zitten dat we niets hebben te verliezen en alleen andere teams pijn kunnen doen. Maar inderdaad, als je dan verloren hebt, knaagt dat wel even aan je en ga je over dingen nadenken die fout zijn gegaan. Vooral op de terugweg na een uitwedstrijd zijn mijn gedachten niet altijd de fijnste. Een ander moeilijk moment is als je tijdens een wedstrijd flink wat punten achter komt te staan. Tegen De Groene Uilen knokten we ons terug tot tien punten achterstand, maar in een mum van tijd werd het gat twintig. Dat voelden we wel toen we naar de kleedkamer liepen.”

Hoe vaak word je ’s nachts wakker en denk je: hier en hier zijn we in gebreken gebleven? Het schijnt dat je vaak bezig bent met het spelletje.

“Nou, toch wel minder dan vorig seizoen, moet ik zeggen. Toen had ik wel een paar keer in het seizoen een moment dat ik in bed lag en dacht: ***, dit sloeg echt helemaal nergens op. Nu zijn we ingedeeld in een competitie met daarin goede en ervaren ploegen. We wisten in het begin dat het een misschien een lastig seizoen zou kunnen worden. Dan nog zit ik me wel eens op te vreten na een wedstrijd die we gewoon hadden moeten winnen. Dit jaar blijft de zure nasmaak na een nederlaag alleen een stuk minder lang hangen.”

De vorige wedstrijd, tegen De Groene Uilen, eindigde voor de tweede keer in een nederlaag. In hoeverre kun je stellen dat die ploeg simpelweg te sterk is?

“Ik denk dat we te gretig van start gingen. We waren te gehaast in de fastbreaks en kregen vervolgens makkelijke scores tegen. Terwijl we als we gewoon de bal vast hadden gehouden en een aanval op hadden gezet niet in de problemen waren gekomen. Na rust deden we het een stuk beter. Volgens mij heeft De Groene Uilen amper gescoord in het laatste kwart. In Groningen hadden we geen schijn van kans, maar als we nu met tien punten verschil de rust in waren gegaan, had het een leuke wedstrijd kunnen worden.”

Toch deed je het zelf wel aardig..

“Ja, ik kreeg na de wedstrijd een aantal keer te horen dat ik wel goed speelde. Hoewel ik in de eerste helft een aantal keer helemaal gek van mezelf werd omdat ik de bal heel knullig weggooide, was ik de tweede helft goed gefocust en agressief aan het spelen. Ik merk dat spelers van teams die bovenin staan, zoals die van Groene Uilen, snel gaan piepen als je ze een duwtje geeft of iets dergelijks. Daar krijg ik wel motivatie van, zeker als die gasten twintig of dertig kilo zwaarder zijn.”

Nu tegen Lokomotief. Vorige keer gingen jullie met 70-83 onderuit. Wat herinner je je van die wedstrijd?

”Dat hun twee sterspelers me persoonlijk niet echt opvielen. Toen ik de training daarna hun stats kreeg te horen, schrok ik wel even. We hadden het verdedigend niet goed gedaan.”

Wat is het voor tegenstander?

“Het is een goed uitgebalanceerd team, met zeer goede schutters. Ook de mindere basketballers laten hun aanwezigheid merken door keihard te werken in de rebounds en anderen dingen te doen. Ik ken het team al een paar jaar, dus weet wat ons te wachten staat. Misschien moeten we nog even de beelden van vorige keer terugkijken om ons geheugen op te frissen en goed voorbereid de wedstrijd in te gaan.”

Waarom gaan jullie deze keer weer eens winnen?

“Ik denk dat we als we met iets minder angst de wedstrijd in gaan een goede kans maken! Dan moet ons schot wel iets meer vallen dan afgelopen wedstrijden. Er komen wat vrienden uit Den Haag kijken, dus ik moet wel even wat extra’s geven natuurlijk, haha. Dit wordt hun eerste basketbalwedstrijd die ze gaan zien, dus ik moet een goede indruk achterlaten en laten zien waarom ik dol ben op het spelletje.”

Ga je nou eindelijk eens dunken?

“Haha, ik weet dat één van de baskets wat lager hangt dan normaal, dus misschien maakt dat het makkelijker om te dunken! Maar als ik moet kiezen, dunk ik liever een week later tijdens onze laatste thuiswedstrijd. Dat zou een stuk leuker zijn.”